Übersicht
Niederländisch nach Schwedisch:   mehr Daten
  1. ondermaats:


Niederländisch

Detailübersetzungen für ondermaats (Niederländisch) ins Schwedisch

ondermaats:

ondermaats Adjektiv

  1. ondermaats (van geringe afmeting; klein)
    litet; liten; underlägsen; obetydligt; underlägset
  2. ondermaats (onvolgroeid)
    barnslig; barnsligt
  3. ondermaats (inferieur; minderwaardig; slecht; )
    undermåligt; dålig; dåligt

Übersetzung Matrix für ondermaats:

OtherVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
litet 'n beetje; enig; wat
ModifierVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
barnslig ondermaats; onvolgroeid infantiel; jongensachtig; kinds; overdreven kinderachtig
barnsligt ondermaats; onvolgroeid infantiel; jongensachtig; kinderachtig; kinderlijk; kinds; overdreven kinderachtig
dålig arm; inferieur; minderwaardig; ondermaats; ondeugdelijk; slecht; tweederangs; zwak aan een ziekte lijdend; achterbaks; banaal; bekaaid; boosaardig; er bekaaid afkomen; geniepig; gluiperig; in het geniep; laag; malicieus; pover; schamel; snood; stiekem; verraderlijk; vuig; ziek
dåligt arm; inferieur; minderwaardig; ondermaats; ondeugdelijk; slecht; tweederangs; zwak aan een ziekte lijdend; achterbaks; banaal; bekaaid; boosaardig; er bekaaid afkomen; gemeen; geniepig; gluiperig; in het geniep; laag; malicieus; min; pover; schamel; slecht; snood; stiekem; vals; verraderlijk; vuig; ziek
liten klein; ondermaats; van geringe afmeting dun; fijn; fijngebouwd; gering; luttel; miniem; minimaal; minste; rank; slank; tenger; weinig
litet klein; ondermaats; van geringe afmeting dun; fijn; fijngebouwd; gering; in geringe mate; klein; lichtelijk; luttel; miniem; minimaal; minste; rank; slank; tenger; weinig
obetydligt klein; ondermaats; van geringe afmeting bescheiden; beuzelachtig; futiel; gering; luttel; marginaal; miniem; minimaal; minste; nietig; nietsbetekenend; nietszeggend; onaanzienlijk; onbeduidend; onbelangrijk; onbenullig; onbetekenend; triviaal; weinig; weinigzeggend
underlägsen klein; ondermaats; van geringe afmeting
underlägset klein; ondermaats; van geringe afmeting
undermåligt arm; inferieur; minderwaardig; ondermaats; ondeugdelijk; slecht; tweederangs; zwak

Verwandte Wörter für "ondermaats":

  • ondermaatse