Übersicht
Niederländisch nach Schwedisch:   mehr Daten
  1. vluchtig:
  2. Wiktionary:


Niederländisch

Detailübersetzungen für vluchtig (Niederländisch) ins Schwedisch

vluchtig:

vluchtig Adjektiv

  1. vluchtig (kortstondig; terloops; haastig)
    snabb; flyktigt; snabbt

Übersetzung Matrix für vluchtig:

ModifierVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
flyktigt haastig; kortstondig; terloops; vluchtig grillig; in het voorbijgaan; informeel; losjes; momentele; nukkig; onberekenbaar; onvoorspelbaar; terloops; voorlopig; vrijblijvend; wispelturig
snabb haastig; kortstondig; terloops; vluchtig alert; dra; eerstdaags; gauw; in alle haast; in allerijl; oplettend; spoedig; uitgeslapen; wakker; weldra
snabbt haastig; kortstondig; terloops; vluchtig abrupt; alert; bruusk; direct; dra; eensklaps; eerstdaags; gauw; gezwind; in alle haast; opeens; oplettend; plots; plotseling; plotsklaps; schielijk; spoedig; uitgeslapen; wakker; weldra

Verwandte Wörter für "vluchtig":

  • vluchtigheid, vluchtiger, vluchtigere, vluchtigst, vluchtigste, vluchtige

Wiktionary Übersetzungen für vluchtig:


Cross Translation:
FromToVia
vluchtig flyktig; hastig; ytlig cursory — hasty, superficial, careless
vluchtig flyktig; efemär; förgänglig ephemeral — lasting for a short period of time
vluchtig flyktig volatile — evaporating or vaporizing readily under normal conditions
vluchtig efemär ephemer — nur für kurze Zeit bestehend, flüchtig, ohne bleibende Bedeutung
vluchtig grund superficiel — Qui n’intéresser que la superficie, qui est uniquement en surface.