Übersicht
Niederländisch nach Schwedisch:   mehr Daten
  1. diep:
  2. Wiktionary:


Niederländisch

Detailübersetzungen für diep (Niederländisch) ins Schwedisch

diep:

diep Adjektiv

  1. diep (innig; intens)
    djup; innerligt
  2. diep (diepzinnig)
    djup; djupt; ytterst; innerligt
  3. diep (diepliggend)
    tankediget; tankediger; djup; djupsinnigt
  4. diep (laag liggend; laag)

Übersetzung Matrix für diep:

NounVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
djup diepte
ModifierVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
djup diep; diepliggend; diepzinnig; innig; intens degelijk; diepgaand; diepgravend; grondig; helemaal; niet oppervlakkig; pijnlijk; totaal; volkomen; zeer
djupsinnigt diep; diepliggend
djupt diep; diepzinnig degelijk; diepgaand; diepgravend; grondig; helemaal; niet oppervlakkig; pijnlijk; totaal; volkomen; zeer
innerligt diep; diepzinnig; innig; intens diepgevoeld; fervent; innig; intens; intensief; intiem; van harte; vertrouwelijk; vurig; welgemeend
ligga lågt diep; laag; laag liggend
tankediger diep; diepliggend suggestief
tankediget diep; diepliggend
ytterst diep; diepzinnig alleruiterst; alleruiterste; hoogste; opperste; overtreffend; tartend; voornaamst

Verwandte Wörter für "diep":

  • dieper, diepere, diepst, diepste, diepe

Verwandte Definitionen für "diep":

  1. de achterkant is ver van de voorkant1
    • ze hebben een diepe garage1
  2. de bodem is ver van de bovenrand1
    • het zwembad is twee meter diep1
  3. erg, enorm1
    • je hebt me diep beledigd1

Wiktionary Übersetzungen für diep:


Cross Translation:
FromToVia
diep djup deep — having its bottom far down
diep djup deep — in extent in a direction away from the observer
diep mörk; låg; djup deep — of a sound or voice, low in pitch
diep djup deep — voluminous
diep djup deep — a long way inward
diep djup deep — difficult to awake
diep djup profond — De grande profondeur

Verwandte Übersetzungen für diep