Übersicht
Niederländisch nach Schwedisch:   mehr Daten
  1. breder maken:


Niederländisch

Detailübersetzungen für breder maken (Niederländisch) ins Schwedisch

breder maken:

breder maken Verb (maak breder, maakt breder, maakte breder, maakten breder, breder gemaakt)

  1. breder maken (verbreden)
    bredda
    • bredda Verb (breddar, breddade, breddat)

Konjugationen für breder maken:

o.t.t.
  1. maak breder
  2. maakt breder
  3. maakt breder
  4. maken breder
  5. maken breder
  6. maken breder
o.v.t.
  1. maakte breder
  2. maakte breder
  3. maakte breder
  4. maakten breder
  5. maakten breder
  6. maakten breder
v.t.t.
  1. heb breder gemaakt
  2. hebt breder gemaakt
  3. heeft breder gemaakt
  4. hebben breder gemaakt
  5. hebben breder gemaakt
  6. hebben breder gemaakt
v.v.t.
  1. had breder gemaakt
  2. had breder gemaakt
  3. had breder gemaakt
  4. hadden breder gemaakt
  5. hadden breder gemaakt
  6. hadden breder gemaakt
o.t.t.t.
  1. zal breder maken
  2. zult breder maken
  3. zal breder maken
  4. zullen breder maken
  5. zullen breder maken
  6. zullen breder maken
o.v.t.t.
  1. zou breder maken
  2. zou breder maken
  3. zou breder maken
  4. zouden breder maken
  5. zouden breder maken
  6. zouden breder maken
diversen
  1. maak breder!
  2. maakt breder!
  3. breder gemaakt
  4. breder makend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Übersetzung Matrix für breder maken:

VerbVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
bredda breder maken; verbreden verwijden; wijder maken

Verwandte Übersetzungen für breder maken