Übersicht
Niederländisch nach Deutsch:   mehr Daten
  1. doorgekookt:


Niederländisch

Detailübersetzungen für doorgekookt (Niederländisch) ins Deutsch

doorgekookt:

doorgekookt Adjektiv

  1. doorgekookt (gereed; gedaan; gaar)
    bereit; fertig; gar

Übersetzung Matrix für doorgekookt:

ModifierVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
bereit doorgekookt; gaar; gedaan; gereed af; afgedaan; afgelopen; bereid; bereidvaardig; genegen; gereed; gewillig; geëindigd; klaar; over; paraat; uit; voltooid; voorbij
fertig doorgekookt; gaar; gedaan; gereed af; afgedaan; afgelopen; afgemat; beëindigd; dodelijk vermoeid; doodmoe; doodop; gedaan; gekookt; gepleegd; gereed; geëindigd; hondsmoe; klaar; op; over; paraat; uit; uitgeteld; volbracht; voltooid; voorbij
gar doorgekookt; gaar; gedaan; gereed gekookt

Verwandte Wörter für "doorgekookt":

  • doorgekookte