Übersicht


Niederländisch

Detailübersetzungen für uitgeteerd (Niederländisch) ins Spanisch

uitgeteerd:

uitgeteerd Adjektiv

  1. uitgeteerd (uitgemergeld; broodmager)

Übersetzung Matrix für uitgeteerd:

AdjectiveVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
consumido broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd verbruikt; verteerd
ModifierVerwandte ÜbersetzungenWeitere Übersetzungen
como un espárrago broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd
delgaducho broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd berooid; dun; fijn; fijngebouwd; geen vet op de botten hebbende; gierig; iel; inhalig; karig; krenterig; lang en dun; mager; pover; rank; schraal; schraperig; schriel; slank; spichtig; sprieterig; tenger; vrekkig
demacrado broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd graatachtig; graatmager; totaal vermagerd
esquelético broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd graatachtig; graatmager; gratig; knokig; scharminkelig; totaal vermagerd; vol graten
flaco broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd berooid; dor; droog; dun; fijn; fijngebouwd; geen vet op de botten hebbende; iel; karig; lang en dun; mager; piekerig; pover; rank; schraal; schriel; slank; spichtig; spinachtig; sprieterig; sprietig; tenger
huesudo broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd beenachtig; benig; bonkig; botachtig; knokig; op een been lijkend; op een bot lijkend; scharminkelig; schonkig
hundido broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd gezakt; gezonken; ingevallen; verzakt
macilento broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd graatachtig; graatmager; totaal vermagerd
magro broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd armzalig; berooid; dun; dun van gestalte; fijn; fijngebouwd; geen vet op de botten hebbende; iel; karig; lang en dun; luttel; mager; piekerig; pover; rank; schamel; schraal; schriel; slank; spichtig; spinachtig; sprietig; tenger; weinig
puntiagudo broodmager; uitgemergeld; uitgeteerd bijdehand; gevat; kien; lang en dun; mager; piekerig; pienter; puntig; scherp; scherp gepunt; scherpzinnig; schrander; slim; snedig; spichtig; spinachtig; spits; spitsig; spitsvormig; sprietig; toegespitst; uitgekookt; uitgeslapen; vlijmend; vlijmscherp